zondag 18 augustus 2013

Onder de sterren


Het Openluchttheater Caprera ligt er idyllisch bij tussen het groen in het bos- en duingebied van Zuid-Kennemerland. Vlakbij het kopje van Bloemendaal, één van de hoogste duinen van Nederland - en de schrik van menig wielrenner in de regio -, is dit theater 65 jaar geleden verrezen. Dankzij 90 Bloemendalers die in 1948 ieder 1.000 gulden gaven, kon het theater worden gebouwd in een grote kuil die vlak na de oorlog was ontstaan nadat het zand uit het duin was afgegraven voor uitbreidingen van Amsterdam, Haarlem en Bloemendaal.
Het is deze donderdag een perfecte avond voor een openluchtconcert. Na een regenachtig begin van de dag is het droog, er staat weinig wind en de temperatuur is aangenaam. De fietstocht van mijn huis naar Overveen waar ik mijn mede-concertganger ophaal bij het station, is al een feest. Hoewel ik de weg al vele malen heb gefietst blijft het een heerlijk ritje tussen al het groen en de villa's van Aerdenhout en Bloemendaal.
Het concert bezoek ik samen met een vriend, hij bracht me een paar jaar geleden op het spoor van de optredende band, Calexico. Deze Amerikaanse muziekgroep uit Tucson (Arizona) heeft een eigen eclectische sound, een mix van Americana en verschillende soorten Midden- en Zuid-Amerikaanse muziek. Muziek die gemaakt lijkt voor een zomeravond onder de sterren.
Om verzekerd te zijn van een mooi plaatsje in het amfitheater zijn we een uur voor aanvang bij de ingang en kunnen we na de kaartcontrole plaatsnemen op de tamelijk harde banken middenvoor het podium, waar we een prima zicht hebben op de bühne en op het publiek dat gestaag binnenstroomt.

We hebben nog ruimschoots de tijd om koffie te drinken, bij te praten en vakantiefoto's te bekijken. Er hangt een gemoedelijke, relaxte sfeer in het door bomen omsloten theater. Het publiek is zeer gemêleerd van jong tot ouder, vooral onze eigen generatie lijkt goed vertegenwoordigd.
Om half negen begint de voorstelling met een voorprogramma van een Spaanstalige zanger die niet veel indruk maakt. Het klinkt aardig, daar niet van, maar zijn optreden boeit niet echt. Het wachten is op het echte werk en dat komt zodra de zon is ondergegaan.


Zeven man sterk vult het podium en zet een geweldig optreden neer met veel (verschillende) gitaren, koper, toetsinstrumenten, slagwerk en zang, niet te vergeten. Het plezier van de bandleden is zichtbaar en hoorbaar. Oude en nieuwe nummers worden afgewisseld, het klinkt allemaal even fijn en ook de lichtshow is in orde, niet spectaculair, wel passend. Een trompetsolo aan het eind van een gevoelig gezongen Spaanstalig nummer bezorgt me kippenvel. Als ik vervolgens omhoog kijk, zie ik de eerste sterren tussen de wolken door piepen.
 
Na anderhalf uur min of meer non-stop spelen wordt het laatste lied aangekondigd, maar natuurlijk volgt er een toegift en dat is het sein voor het publiek om eindelijk van de banken af te komen en, voor zover dat lukt tussen de smalle rijen, mee te swingen. Zelfs een tweede toegift wordt ons gegund en zo eindigt het optreden na bijna twee uur. Het is allemaal precies goed, niet groots en meeslepend, maar intiem, huiselijk bijna. Een show die gesmeerd verloopt en er simpel uitziet doordat de muzikanten zeer goed op elkaar ingespeeld zijn en met gemak steeds wisselen van instrument. Een lust om naar te kijken en mee te maken. 

Als we de zwoele avondlucht in fietsen op weg naar het station doemt een grote halve maan op aan de hemel. Zo'n avond was het dus.