woensdag 5 december 2012

Makkers

Zie de maan schijnt door de bomen,
makkers staakt uw wild geraas.
't Heerlijk avondje is gekomen,
't avondje van Sinterklaas.
Vol verwachting klopt ons hart,
wie de koek krijgt, wie de gard.
Vol verwachting klopt ons hart,
wie de koek krijgt, wie de gard.
O, wat pret zal 't zijn te spelen
met die bonte harlekijn.
Eerlijk zullen we alles delen:
suikergoed en marsepein.
Maar, o wee, o bitt're smart.
kregen wij voor koek een gard.
Maar, o wee, wat bitt're smart
kregen wij voor koek een gard!
Maar ik vrees niet dat wij klagen;
vader, moeder zijn te goed!
Was het ook niet alle dagen,
meestal waren wij toch zoet.
Ban dus vrij de vrees uit 't hart;
'k wed er ligt geen enk'le gard.
Ban dus vrij de vrees uit 't hart;
'k wed er ligt geen enk'le gard!
Van dit ijzersterke Sinterklaasliedje met die mysterieuze eerste zin zijn vooral de eerste twee verzen bekend. De tekst geeft in zijn simpelheid het wezen van het Sinterklaasfeest aan. Tenslotte is het een moralistisch feest: wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe. De roe, in dit liedje gard genoemd, wordt niet meer als dreigmiddel ingezet, als het goed is, maar wel zal hij of zij die 'stout' is geweest het moeten bezuren door middel van een gedicht of een surprise.
Van kinds af aan zijn we gewend om Sinterklaasteksten te zingen waarvan de betekenis er niet zo zeer toe doet, het gaat meer om het gevoel. Wie heeft het nog over makkers, of wild geraas? In de tijd van de maker van dit vers, Jan Pieter Heije, midden 19de eeuw zal het vast net zo bij de tijds geweest zijn als bijvoorbeeld "Ik ben toch zeker Sinterklaas niet" van Kinderen voor kinderen in 1986.


Arts en dichter Jan Pieter Heije, kende ik eigenlijk voornamelijk omdat er een straat naar hem vernoemd is in Amsterdam-oudwest, de buurt waar mijn Opa en Oma woonden en waar mijn vader is opgegroeid. Via Wikipedia kwam ik er achter dat Heije niet alleen 'Zie de maan schijnt door de bomen' heeft geschreven, maar ook andere klassiekers als 'Er zaten zeven kikkertjes', 'Een karretje op den zandweg reed' en 'De zilvervloot'. Dat laatste lied met het volkse refrein

Piet Hein!, Piet Hein!,
Piet Hein, zijn naam is klein,
Zijn daden bennen groot
Zijn daden bennen groot
Die heeft gewonnen de Zilveren Vloot,
Die heeft gewonnen, gewonnen de Zilveren Vloot!
Die heeft gewonnen de Zilveren Vloot!


staat bol van patriottisme en weemoed om vergane glorie.

Het is een geruststellende gedachte dat dit lied van Heije na 170 jaar nog steeds gezongen wordt om onze sporthelden toe te zingen.

Geen opmerkingen: