donderdag 27 januari 2011

Ziek

Vorig jaar waren er veel berichten over ziekte. Niet op een grote afstand, maar dichtbij uit de kring van  familie, collega's en vrienden. En dan ging het niet over griep, of een gebroken been, maar ernstige aandoeningen met soms dito gevolgen. Het nieuwe jaar brengt nog weinig verandering, geen trendbreuk te bespeuren.
Als ik op weg ben naar het ziekenhuis waar mijn moeder ligt bij te komen van een hartoperatie zie ik een lage mist boven de velden hangen, het is een prachtige ochtend. Omdat ik weet dat de operatie goed is verlopen kan ik genieten van de file-loze autorit over het nieuwe asfalt van de vijfbaans A2. Mijn vader heeft me, bezorgd als hij kan zijn, de vorige avond door de telefoon met een half lachje in zijn stem gevraagd voorzichtig te doen onderweg. Het is een ouderlijke bezwering waar ik me ook regelmatig bij mijn eigen kinderen aan bezondig. In het ziekenhuis staat hij me al op te wachten in de hal en samen lopen we door het drukke ziekenhuis naar de afdeling waar mijn moeder ligt. Voor iemand die twee dagen daarvoor een forse ingreep heeft moeten ondergaan ziet mijn moeder er, afgezien van de jodium sporen die, als klodders verf achtergelaten door een slordige schilder, een deel van haar gezicht 'versieren', patent uit. Mijn moeder zit nooit verlegen om een praatje en zelfs nu heeft ze genoeg te vertellen. Over haar sjans met de broeders en dat de zusters allemaal erg lief zijn. "Kijk, dat is onze jongste dochter" zegt ze tegen de verpleegkundige die haar een paar pillen komt brengen. "Ik zei net tegen mijn dochter dat u mijn lievelingszuster bent" vervolgt mijn moeder hartelijk. Ondertussen zorgt mijn vader ervoor dat het mijn moeder aan niets zal ontbreken: een schone pyjama en andere meegebrachte spullen krijgen een plaatsje in het krappe ziekenhuiskastje.
Ouders zijn trots op hun kinderen, maar kinderen kunnen ook trots zijn op hun ouders. En als ik weer in de auto zit op weg naar huis ben ik trots op mijn trouwe toegewijde vader en mijn positieve dappere moeder.
De dag lijkt een happy end te krijgen totdat ik een mail open van een vriendin die meldt dat haar man ernstig ziek is. Het is een volgende schakel in een keten van ellende die haar en haar gezin al ruim een jaar treft. Ik word er erg droevig van en weet ook eigenlijk niet wat ik haar moet zeggen. Muziek kan dan uitkomst brengen merk ik als we 's avonds met het koor waar ik in zing de medley uit de musical 'Hair' oefenen. De medley begint en eindigt met het optimistische 'Let the sunshine in'. Ik zing het voluit mee: Let the sunshine, let the sunshine in, the sunshine in, en hoop dat het waarheid wordt.

1 opmerking:

Bernadet zei

Om stil van te worden!