vrijdag 26 februari 2010

IM


Het lijkt erop dat ik enigszins aan beroepsdeformatie begin te lijden. Had ik bij Delicious associaties met een tijdschrift, bij Instant Messaging (IM) moet ik aan de roman van Connie Palmen denken. Ik ben geen fan van Palmen, maar haar pennevruchten zal ik niet afdoen als chatten.
Ding 14 is dus chatten of babbelen. Tsja, ik ben nooit zo goed in loze praatjes, bij mij moet het al snel ergens over gaan. Voor de lol zal ik het daarom niet snel gebruiken, maar handig kan het zeker zijn. In de bibliotheek werken we in Groupwise al jaren tot tevredenheid, van mijn kant in ieder geval, met messenger. Door mijn zonen heb ik jarenlang kunnen meegenieten van hun enthousiaste, lees doofmakende, conversaties over de zogenaamde teamspeak. Ze speelden een of ander spannend schiet- en of oorlogspel en hadden contact met hun teammaten all over the world. Het heeft hun Engels zeker niet slechter gemaakt, maar ik schrok regelmatig van de kreten en uitroepen van ontzetting of vreugde die door het huis schalden.
Voor de oefening heb ik in gmail mijn mede 23 dingen collega's uitgenodigd voor google talk, van Monique had ik al een uitnodiging gehad. Alles staat of valt hiermee bij online zijn en dat zijn we (gelukkig) niet allemaal continu.
Een nieuwe loot aan de IM boom is Buzz van Google. Daarmee kun je alles delen en bespreken met de hele wereld of met een select groepje. Het zit nog niet in 23 dingen, maar dat zal niet lang meer duren. En zo zoemt er steeds iets nieuws voorbij.

woensdag 24 februari 2010

In de kroeg met Google docs


In een van de filmpjes over Twitter op de onvolprezen site 23 dingen, sprak iemand de woorden: "Twitter is een kroeg". Toen wist ik waarom ik maar geen affiniteit weet te krijgen met het gekwetter op het net. Ik kom weinig in de kroeg. Mijn alcoholconsumptie ligt op een dieptepunt, af en toe een half glaasje wijn op zondagavond bij het diner. 't Is niet dat ik het niet lekker vind, maar het valt bij mij nooit zo goed als het meer is dan 1 glas. Mijn van nature toch al rode wangen worden dan nog roder met daarbij een 'licht' hoofd en zware benen. Natuurlijk kun je in de kroeg ook andere drankjes drinken, maar volgens mij wordt dat, net als niet roken door de kroegtijgers eigenlijk onbetamelijk gevonden. In de kroeg worden de nieuwtjes en roddels doorgenomen en vooral heel veel slap geouwehoerd (excusez le mot).
Voor mij geen Twitter dus, geen eigen account en ook geen twitteraars volgen. Ik heb een beetje zitten zoeken binnen de Twittersite en werd daardoor niet op andere gedachten gebracht. Wel ben ik ervan overtuigd dat het goed is om als bibliotheek een twitteraccount te hebben en je daarmee geregeld te laten horen en zien aan een publiek dat we misschien niet op een andere manier weten te bereiken. Ik vind het geweldig dat Irene zich hierop heeft gestort, ze doet dat heel goed, chapeau! Maar het kost wel veel tijd voor een relatieve kleine organisatie als bibliotheek Katwijk.

Hoe kom ik nu van de kroeg naar de online kantoortoepassingen? Laatst las ik een artikel in de Volkskrant dat er door zzp-ers en ander freelancers steeds vaker buiten de deur wordt gewerkt, met behulp van laptop, smartphone etc. Dat doen ze dan in de kroeg of in de Bibliotheek Amsterdam die hiervoor ook uitstekende werkplekken biedt, met een restaurant binnen handbereik. Lijkt me een mooie nieuwe taak voor de bibliotheek. Helaas zullen we hiervoor in Katwijk moeten wachten op nieuwbouw....
Google docs is een zeer handig programma dat denk ik in de toekomst wel steeds meer gebruikt zal worden. Nadeel is nog dat niet ieder document gedownload kan worden. Ik wilde een document aan mijn Google docs toevoegen dat te groot was. Google slaagt er telkens in producten te maken die vooral zeer gebruikersvriendelijk zijn. Ook Google docs is daar een voorbeeld van.
Het document van Monique over jeugdherinneringen heb ik met veel plezier aangevuld en daarmee was ik even terug in de late jaren zestig toen je nog maar 2 TV netten had en heel Nederland genoot van bijvoorbeeld Ja zuster Nee zuster.

zondag 21 februari 2010

Capitulatie


Wij hebben de liefste kater van de wereld. Hij is de goedheid zelve, zal nooit naar je uithalen met zijn nagels, of bijtende bewegingen maken. Zijn pad gaat de laatste jaren niet over rozen. Hij heeft chronische niesziekte, waarvoor hij een maal per zes tot acht weken een antibioticum kuur krijgt. Het toedienen van dit medicijn ondergaat hij altijd lijdzaam, zonder noemenswaardige tegenstribbelarij. Vorig jaar rond deze tijd had hij ook nog een ernstig kaliumgebrek, dat hem bijna z'n leven kostte. Maar, hij kwam er weer bovenop en leidt nu het leven van een oudere je-weet-wel-kater: veel slapen, eten en heel soms even naar buiten.
Onlangs kocht ik een nieuwe mand voor Ischa. Dat was hard nodig, want de oude was zo versleten dat het schuimrubber er aan alle kanten uit kwam. De aanschaf van de nieuwe mand had ik al een paar maal voor me uitgeschoven, iets hield me tegen. Op de een of andere manier had ik een voorgevoel van Ischa's reactie op de aanwinst.
Het nieuwe exemplaar, qua grootte, kleur en materiaal praktisch identiek aan de oude, zette ik op de plaats van de oude mand, die ik direct in de afvalbak had gekieperd.
Op het moment dat Ischa in zijn mand wilde gaan liggen kreeg hij in de gaten dat het niet meer zijn vertrouwde slaapplek was. Hij ging er niet inzitten, keurde het ding geen blik waardig, rook er zelfs amper aan. Elke kattenbezitter weet dat zodra je een grote doos van het een of ander in huis onbeheerd laat staan, de kat er direct aan gaat ruiken en zelfs in of op zal kruipen. Ook Ischa had dat al vele malen gedaan, maar deze mand, die is gemaakt om in te liggen, wilde hij niet inwijden, ook niet toen ik hem er met zachte dwang ingezet had. Wel liet hij de volgende ochtend luid zijn ongenoegen blijken, vanwege het gemis van zijn oude mand.
Om Ischa te helpen in het gewenningsproces had ik een oude handdoek met zijn geur eraan in de mand gelegd en hem vervolgens meermalen in de mand gezet. Dat hielp, Ischa besloot de mand toch maar voor lief te nemen.
Inmiddels zijn we enkele weken verder. Hoogste tijd om de handdoek te verwijderen, want in het gebruik onhandig en Ischa's geur zat er inmiddels toch voldoende aan? IJdele hoop, bleek al snel, hij vertikte het wederom om ook maar een poot in de mand te zetten. Bovendien nam hij wraak door 's morgens, nog voor de wekker ging buitengewoon klagelijk te gaan zitten mauwen achter onze slaapkamerdeur. Hoe lief een kat ook is, eigenzinnig blijft hij! Drie maal raden wie hier uiteindelijk heeft gecapituleerd.

vrijdag 19 februari 2010

What I Know Is


In Wikipedia wordt de herkomst van het woord wiki verklaard. Het is het Hawaiaanse woord voor 'snel', maar wiki wordt door sommige gebruikers ook als afkorting gezien van 'What I Know Is'. Met dit acroniem zit je direct in de discussie of Wikipedia en alle andere wiki's betrouwbaar zijn. Daarover ga ik het nu niet hebben, in een van mijn vorige blogpost's heb ik al even het wantrouwen van bijvoorbeeld Andrew Keen ten aanzien van 'de amateur', aangestipt. Het lijkt me in alle gevallen goed om zelf te blijven nadenken en niet alles wat via het net of anderszins tot ons komt, klakkeloos over te nemen of voor waar aan te nemen.

Het bekijken en doorgronden van het wiki-item van 23 dingen kost veel tijd, maar dat is het wel waard wat mij betreft. Ik zie binnen de praktijk van de bibliotheek zeker mogelijkheden voor het gebruik van wiki's. Als het gaat over efficiënt werken dan is het inrichten van een of meerdere wiki's rondom een thema of domein zinvol. Ik denk dan aan een backoffice wiki of bijvoorbeeld een wiki met betrekking tot het domein jeugd. Maar ook het schrijven van een Meerjarenbeleidsplan of een jaarverslag zouden de MT-leden goed in een wiki kunnen doen.

De publieks wiki van Bibliotheek Deventer vind ik er goed uitzien. Wel ben ik benieuwd naar het gebruik ervan en naar de hoeveelheid tijd die medewerkers van Deventer eraan besteden. Als je een publieks wiki zou willen starten moet je volgens mij een goed afgebakend onderwerp hebben. Een onderwerp waar juist leken veel kennis van hebben, bijvoorbeeld de geschiedenis van Katwijk of van het Katwijkse dialect. Door verhalen en herinneringen in een wiki vast te leggen blijven ze behouden, ook voor latere generaties. Het leuke is dat deelnemers eigen verhalen of interpretaties kunnen toevoegen. Bibliotheek Katwijk zou hierin samenwerking kunnen zoeken met het museum, erfgoedverenigingen en het archief. Een 23 dingen-ideetje om nader te bestuderen.

Als oefening heb ik in de 'zandbak' van de 23 dingen wiki ook een item toegevoegd over een van mijn favoriete schrijvers. Het toevoegen zelf ging eenvoudig, een foto in het bericht plaatsen en op de juiste plek zetten was minder simpel en het resultaat vind ik nog niet geweldig, maar vooruit, goed genoeg voor een probeersel.

Tot slot wil ik nog verwijzen naar een (gratis) wiki programma dat ik ergens tegenkwam : MindTouch Deki wiki. Ziet er mooi en geavanceerd uit en lijkt niet heel moeilijk.

vrijdag 12 februari 2010

Heerlijk???

Delicious geeft voor mij associaties met lekker eten. Dat komt natuurlijk door het gelijknamige tijdschrift dat er altijd zo smakelijk uitziet.
Dat Del.cio.us voor iets geheel anders staat is mij de afgelopen dagen wel duidelijk geworden. En heerlijk vind ik het nog zeker niet. Ik heb een account aangemaakt, http://delicious.com/blomineke
Daarvoor moest ik een Yahoo account aanmaken. Ja, er moet natuurlijk wel geld verdiend worden aan al die 'gratis' diensten op het web, dat begrijp ik, maar het irriteert me wel. Hoeveel inlognamen, wachtwoorden en wat dies meer zij heb ik niet inmiddels? Hoezo efficiënter werken, tot nu toe wordt het alleen maar meer wat ik moet/kan bijhouden. Maar goed, ik kan dan nu wel op Flickr terecht, als ik dat zou willen.
Het plaatsen van de Delicious knoppen in de werkbalk had nogal wat voeten in de aarde, maar met enige hulp van immer klaarstaande collega's is het gelukt.
Ik heb wat rondgeneusd op de site, ook een paar bookmarks geplaatst en collega's toegevoegd aan mijn netwerk. Dat is allemaal vrij simpel. Maar nu, wat ga ik ermee doen? Ik vind de site een hoog door-de-bomen-het-bos-niet-meer-zien gehalte hebben. Als je bijvoorbeeld zoekt op een tag als 'Amsterdam' dat krijg je zoveel hits dat de moed je in de schoenen zinkt. Voor dat soort zoekacties is Delicious dus niet geschikt. Als je echt iets specifieks zoekt, of artikelen en websites rondom een onderwerp wilt delen met een beperkt groepje collega's, vrienden of anderen zal het wellicht handig zijn. Ik zie het voordeel voor mij nog niet, maar ik laat me graag overtuigen van het tegendeel. De storingen die de site vandaag gaf, 'sorry we kunnen het niet vinden' en teksten van gelijke strekking, helpen natuurlijk ook niet mee voor een gunstige beoordeling.

vrijdag 5 februari 2010

@cultuur


Een moment van bezinning over web 2.0 toepassingen, dat is de opdracht voor deze week.
Vorig jaar was ik bij Biebwatch, georganiseerd door ProBiblio. Daar hoorde ik onder andere Andrew Keen spreken, schrijver van het boek "The cult of the amateur", in het Nederlands vertaald als "De @-cultuur": hoe internet de beschaving ondermijnt". Keen, Engelsman van geboorte, maar al lang wonend en werkend in De Verenigde Staten vertelde in een boeiend betoog wat zijn bezwaren zijn tegen sommige ontwikkelingen op internet. We kregen het boek allemaal mee naar huis en onlangs ben ik er in begonnen. Keen heeft zelf jarenlang in Silicon Valley gewerkt en weet dus waarover hij het heeft. Ik heb het boek nog lang niet uit, maar van zijn voordracht is me vooral bijgebleven dat hij nogal bezorgd is over de vaak weinig verheffende en/of betrouwbare bijdragen die (goedwillende) amateurs via Wikipedia, blogs, You tube etc. toevoegen aan het internet. Aldaar gaan die bijdragen een eigen leven leiden en wordt veel onzin door massa's internetgebruikers voor waar aangenomen. De werkelijke professionels, lees journalisten, wetenschappers, musici enz. verliezen hierdoor hun gezag en boterham. De gelijkstelling van amateurs en experts die zich volgens Keen door web 2.0 voltrekt is slecht voor de creativiteit en voor onze cultuur.
Ik hou er wel van als mensen zoals Keen tegen de stroom in gaan. Dat is nodig om discussie op gang te brengen en om voor jezelf helder te krijgen hoe je er tegenover staat. Ik ben daar echt nog niet uit, maar ik deel wel Keens bezorgdheid over de tendens om alles wat elitair is of boven de middelmaat als verdacht te beschouwen.
Tot zover Keen. Zoals ik veel kritisch volg, zal ik ook altijd de ontwikkelingen op internet, web 2.0, 3.0 enz. kritisch volgen. Ook de bibliotheek moet dan doen, al was het alleen maar omdat er geen weg terug is. Je kunt je als instelling die primair bezig is met informatie verzamelen en doorgeven niet blind en doof houden voor ontwikkelingen in de samenleving.
Volgens mij is het belangrijk dat mensen ons blijven vinden, dus moeten wij zijn op die plekken, fysiek en virtueel, waar onze klanten zich ophouden. Daarbij willen klanten gehoord worden, dus moeten wij ze mogelijkheden geven om bijdragen te leveren door middel van recensies, tags, twitter etc. Dat zijn dan toch weer de 'amateurbijdragen' waar Keen op doelt.... De bibliotheek heeft daarom daarnaast ook de taak en plicht om klanten kwaliteit te bieden. Wat je bij de bibliotheek vindt, digitaal of fysiek moet kwalitatief in orde zijn.

Andrew Keen

maandag 1 februari 2010

Plaatjes rangschikken

Eens kijken of de tips van Irene en Walter werken. Ik wil een paar foto's op verschillende plekken in dit bericht hebben. Hier komt de eerste, onze jubilarissen van vandaag:


En dan nu nummer twee, de nieuwe skoolzone plek in KadR.


Al het goede gaat in drieën, dus hier komt er nog een van de laatste lezing.


Na wat knippen en plakken is dit het resultaat. Het lijkt er al meer op, maar het woordje 'Al' staat wel op een rare plek, terwijl de tekst in mijn bewerkingsscherm, nu ik dit schrijf gewoon op de goede plek staat.