dinsdag 25 juni 2013
Mail-art
"P.S. Hopelijk zorgen de nimpfen en appelplukker op de omslag ervoor dat deze brief wel snel aankomt!"
Dit Post Scriptum staat in een brief, vervaardigd op een typemachine, die een collega van mij onlangs via de post ontving. Ze bestaan nog. Mensen die geen computer en mailadres hebben. De afzender van deze brief is zo'n iemand.
Vorig jaar hadden we al kennis gemaakt met deze bijzondere brievenschrijver. Hij is jutter in Zandvoort en in die hoedanigheid hadden wij hem ingehuurd voor een kinderactiviteit bij de strandbibliotheek. Dat deed hij met zoveel enthousiasme en kennis van zaken dat we hem dit jaar zijn kunstje wilden laten herhalen. En dus zocht mijn collega weer contact met hem. Dat ging per telefoon en de bevestiging van de nieuwe afspraak stuurde ze per brief naar zijn huisadres.
Vanaf dat moment ging het mis. De brief kwam twee keer retour, het adres zou niet kloppen. Dat was echter niet het probleem, het lijkt er meer op dat de gang van zaken rond deze postbezorging een illustratie is van de teloorgang van de Nederlandse posterijen. Onze jutter ontdekte dat er op het sorteercentrum een verkeerde code is ingevoerd waardoor het poststuk in een andere regio terechtkwam, alwaar de 'postbezorger', die de beter voor zijn taak toegeruste 'postbode' inmiddels heeft vervangen, er niets anders mee wist te doen dan terugsturen naar de afzender. Uiteindelijk heeft de brief er één maand en vijf dagen over gedaan om aan te komen. Dit inspireerde jutter Wim tot een fraai staaltje briefversierkunst, ofwel mail-art, zoals hij het zelf omschreef. De mail-art bestaat uit drie onderdelen: bovenstaande envelop met een afbeelding van 'La Primavera' van de Italiaanse Renaissance-schilder Botticelli, voornoemde getypte brief versierd met stempels en stickers
en tenslotte het corpus delicti, de envelop die door Post NL zo moeizaam werd bezorgd, vrolijk gekleurd en netjes gelamineerd.
Wat een cadeautje als je zo'n uniek poststuk krijgt!
Volgende keer misschien flessenpost van jutter Wim? http://gemi.st/12174004
zondag 26 mei 2013
Bikini
Bij een eiland als reisbestemming denken veel mensen aan een strandvakantie. Sicilië heeft veel stranden, zowel zand- als kiezelstrand. En hoewel M. en ik graag de zee zien, lopen we er liever langs, dan dat we aan het strand gaan zitten. Een middagje in de zon liggen is prima, maar twee weken bakken, dat is niets voor ons.
Nadat we een dag in het mooie, gezellige plaatsje Cefalù, aan de noordkust van Sicilië, hadden doorgebracht zijn we wel even neergestreken op het zandstrand. Je hebt dan een geweldig uitzicht op de oude stad met de karakteristieke Normandische kathedraal (gebouwd tussen 1131 en 1240)
en hoge rots waar het dorpje tegenaan gebouwd ligt.
Die rots hadden we 's middags beklommen en nu leek het ons heerlijk om even op het strand uit te puffen. Helaas ging de zon schuil achter een van zee opkomend wolkendek, maar dat belette M. niet een duik te nemen in de best koude en behoorlijk woeste zee. Ik vond het te fris voor mijn bikini, pardon badpak, en beperkte mijn rol als badgast tot foto's maken en letten op de man die te water ging.
Twee dagen voor ons tripje naar Cefalù hadden we kennis gemaakt met de Bikini-girls. Nee, het was geen bezoek aan een stripteasetent of andere gelegenheid waar schaars geklede dames toeristen vermaken. De Bikini-girls, zoals ze werden genoemd in de Engelstalige toelichting, bevonden zich in de Villa Romana del Casale nabij de stad Piazza Armerina.
De villa, zeg maar gerust landgoed, is gebouwd rond 300 na Chr. en het is niet bekend wie er gewoond heeft, maar het moet een zeer belangrijk en rijk man geweest zijn. Het gebouw bevatte meerdere vertrekken die vele gasten konden herbergen. In 1997 is het complex geplaatst op de UNESCO werelderfgoedlijst en dat heeft vooral te maken met de hoeveelheid goed bewaard gebleven mozaïekvloeren. De vloeren zijn zo goed geconserveerd omdat ze in de 12de eeuw bedolven raakten door een aardverschuiving. In de 18de eeuw werd de villa ontdekt en pas in de jaren 50 van de 20ste eeuw zijn de opgravingen groots aangepakt.
De thema's van de mozaïeken in de verschillende vertrekken zijn onder andere de jacht (met ook voorstellingen van uitheemse en mythische dieren), de verhalen over de Griekse godenwereld, de avonturen van Odysseus, maar ook alledaagse gebeurtenissen, zoals dansende mensen, spelende kinderen en de Bikini-meisjes.
De dames dragen iets dat er uitziet als een bikini, maar de vrouwen zijn aan het sporten en hun kleding lijkt nog het meest op die van hedendaagse vrouwelijke atletiekbeoefenaars. Blijkbaar was het in de (late) Oudheid niet ongewoon dat ook vrouwen -hoogstwaarschijnlijk alleen dames van hogere komaf - aan sport deden.
En erg preuts waren ze blijkbaar nog niet in die tijd - vlak voordat het Romeinse Rijk het christendom zou omarmen - want in een ander vertrek vonden we een afbeelding van een vrijend stel.
woensdag 22 mei 2013
Kaarsje
In de kerk van Palazollo Acreide hebben we een kaarsje gebrand voor F.
Het bericht van zijn overlijden bereikt ons op Sicilië via een sms van mijn zwager. Het nieuws grijpt ons aan, F. heeft een speciale plek in mijn hart en dat van M. In de tijd dat ons leven op zijn kop stond vanwege onze ernstig zieke zoon, zo'n 17 jaar geleden, was F. een grote steun. Hij kwam vaak op het juiste moment langs en wist dan met weinig woorden, of alleen door zijn aanwezigheid, troost te bieden. Het is heel fijn als je in een moeilijke periode iemand hebt die een luisterend oor biedt en soms meer dan dat. F. kon dat heel goed. Het hoorde weliswaar bij zijn professie, maar hij was zeer begaan en deed 'zijn werk' met toewijding en een grote betrokkenheid.
Het is heel verdrietig dat hij niet volop heeft kunnen genieten van zijn welverdiende pensioen. We gedenken hem met grote genegenheid en dankbaarheid om wie hij was.
Het bericht van zijn overlijden bereikt ons op Sicilië via een sms van mijn zwager. Het nieuws grijpt ons aan, F. heeft een speciale plek in mijn hart en dat van M. In de tijd dat ons leven op zijn kop stond vanwege onze ernstig zieke zoon, zo'n 17 jaar geleden, was F. een grote steun. Hij kwam vaak op het juiste moment langs en wist dan met weinig woorden, of alleen door zijn aanwezigheid, troost te bieden. Het is heel fijn als je in een moeilijke periode iemand hebt die een luisterend oor biedt en soms meer dan dat. F. kon dat heel goed. Het hoorde weliswaar bij zijn professie, maar hij was zeer begaan en deed 'zijn werk' met toewijding en een grote betrokkenheid.
Het is heel verdrietig dat hij niet volop heeft kunnen genieten van zijn welverdiende pensioen. We gedenken hem met grote genegenheid en dankbaarheid om wie hij was.
dinsdag 21 mei 2013
Zwarte sneeuw
De Etna (3.332 m hoog en een diameter van 32 km) domineert Oost-Sicilië. Deze vulkaan is nog steeds actief, eenmaal in de 5 à 10 jaar komt er een uitbarsting voor. De laatste grote eruptie vond plaats op 27 oktober 2002 en tijdens onze wandeling op de flanken van de vuurspuwende reus is dat overal nog duidelijk te zien. Complete hotels zijn door de lava bedolven
en overal zie je bergen gestolde zwarte lava liggen. Eigenlijk is de vulkaan voortdurend actief, de straten in de steden en dorpen rondom zijn bezaaid met hopen plastic zakken waar men het lavagruis in verzameld heeft en overal zie je hoopjes zwart gruis.
Een hotelgast weet te vertellen dat er een paar dagen voor onze aankomst nog een kleine uitbarsting is geweest. Zelfs de sneeuw, die hier en daar nog zichtbaar is op delen van de hellingen waar de zon nauwelijks komt, heeft een zwarte camouflage.
Sicilië heeft nog meer bergketens. Op het tweede adres van onze reis maken we kennis met de bergen van de Madonie, een prachtig ruig en dunbevolkt gebied aan de noordkust. De hoogste top, de Pizzo Carbonara (1.979 m) is het doel van onze wandeling. Nadat we enige tijd met de auto rondgedwaald hebben op zoek naar het begin van de tocht gaan we op goed geluk ergens van start in de buurt van de bergtop. We lopen een helling op en gaan de uitdaging aan een top te beklimmen waar geen pad is. Van beneden af gezien lijkt het goed te doen. De beklimming is pittig, maar op de top, waar ook een weerstation staat, staat zoveel wind dat we ons nauwelijks staande kunnen houden. We besluiten wat af te dalen en een broodje te eten in de luwte van de berghelling. In de verte zien we een pad liggen dat we graag willen bereiken. De weg er naar toe is eigenlijk niet begaanbaar doordat uit de kluiten gewassen planten de losliggende keien onzichtbaar hebben gemaakt waardoor we dreigen onze enkels te breken, zeker in combinatie met de harde wind. Dus nemen we de weg terug zoals we gekomen zijn en kunnen zo van de andere kant af alsnog het pad volgen dat we zagen liggen.
Al snel wordt ons duidelijk dat we nu toch echt op weg zijn naar de Pizzo Carbonara en hoewel we al een klim in de benen hebben, laten we de gelegenheid om het hoogste punt te bereiken niet meer lopen. We willen graag vanaf die hoogte de zee zien en de Eolische eilanden zoals de routebeschrijving ons beloofde.
Het is een mooie tocht en het pad is over het algemeen goed, totdat we ineens voor een groot sneeuwveld staan.
Als we weer omdraaien om de terugtocht te aanvaarden wanen we ons even op het drielandenpunt in Vaals, als we kort een woordje wisselen met zowel een Duits als een Belgisch stel die vlak na elkaar omhoog komen.
maandag 20 mei 2013
Sidi Mansour
Van 27 naar 11 graden Celsius, dat valt tegen. Op Sicilië is het al zomer en hier in Nederland wil de lente maar niet doorbreken. Gelukkig hebben we de foto's nog en een paar verhalen over dat heerlijke eiland in de Middellandse Zee.
Sicilië heeft veel gezichten. Overdag hadden we kennis gemaakt met de fraai gelegen toeristische kustplaats Taormina, voorzien van mooie lanen, chique winkelstraten, een openbare botanische tuin en een antiek Grieks theater. Het stadje, waarvan de eerste nederzetting (Griekse kolonie) dateert van 400 jaar voor Chr., ligt op een 200 meter boven zee gelegen terras. Deze ligging staat borg voor een fantastisch uitzicht op de kustlijn met de azuurblauwe Ionische Zee en landinwaarts de vulkaan Etna.Vooral in het Grieks/Romeinse amfitheater is het decor van de omgeving een schouwspel op zich.

Tijdens de Grandtour die jonge mannen - voornamelijk Engelse en Duitse - uit gegoede kringen in de 18de eeuw maakten werd Taormina ook bezocht. Onder hen was Goethe, die de stad een 'stuk paradijs op aarde' noemde. De Engelse schrijver D.H. Lawrence woonde er drie jaar en Truman Capote en Tennesee Williams schreven er enkele van hun werken. Kortom een inspirerende omgeving.
Circa 20 km zuidelijker ligt het plaatsje Riposto, ook een kustplaats, maar verder houdt iedere vergelijking met Taormina op. Mistroostig en vervallen oogt het havenstadje. Geen enkele grandeur, zelfs geen vergane, geen boulevard met uitzicht op zee. We kwamen er terecht omdat we op zoek waren naar een leuk restaurant voor het diner. Onze keus was op Riposto gevallen vanwege de geringe afstand vanaf ons hotel (ongeveer 7 km) en het gegeven dat de plaats aan zee ligt, een garantie dachten wij, voor de aanwezigheid van veel horeca. Afgezien van een paar pizzeria's viel het aanbod behoorlijk tegen, maar ons oog viel op een bord langs de weg bij het havenhoofd dat een Siciliaanse specialiteit aanprees in een restaurant een paar honderd meter verderop. Het Ristorante Tunisio Sidi Mansour was snel gevonden, er zat echter nog niemand. De ober aarzelde geen moment toen hij zag dat we overwogen naar binnen te gaan en sprak ons direct aan. Ja zeker, konden we eten - het was nog vrij vroeg voor Italiaanse begrippen- verzekerde hij ons, kebab, couscous, pizza. De zaak zag er fris en gloednieuw in de verf uit en we hadden trek, dus ons besluit was snel genomen.
We zaten nog maar net in het in Tunesische stijl ingerichte etablissement, compleet met waterpijpen opgesteld in een lounge-setting onder een baldakijn dat de suggestie van een Bedoeïenentent moest wekken, of we werden voorgesteld aan 'le chef', een vriendelijke Tunesische man van middelbare leeftijd. Hij sprak geen Engels, maar wel Frans en hij gaf ons een paar menu suggesties. We kozen de specialiteit van het huis, viscouscous, daar waren we tenslotte op afgekomen.
Le chef verdween naar de keuken maar niet nadat hij zijn jonge ober opdracht had gegeven ons een voorafje van het huis te brengen, een heerlijk stukje vers gebakken flinterdunne pizza. De viscouscous voorzien van enkele grote garnalen, zwaardvis en verschillende groenten, liet daarna niet lang op zich wachten. Nog steeds waren we de enige gasten. Dat gaf le chef de gelegenheid een praatje met ons te maken nadat we klaar waren en hem uitvoerig hadden gecomplimenteerd met het heerlijke eten. In een mengeling van Frans en Italiaans voerden we een 'gesprek'. Ik vroeg of ze soms nog maar kort geopend waren. Dat klopte, hij was in oktober open gegaan vertelde le chef. Jarenlang had hij in Catania, Sicilië's tweede stad na Palermo, in een restaurant gewerkt, maar hij wilde zo graag iets voor zichzelf beginnen. Het viel tot nu toe niet mee vertrouwde hij ons toe, de crisis hè. We konden alleen maar knikken, de lege tafeltjes om ons heen waren het stille bewijs. Toch was le chef niet somber, eerder wat melancholisch berustend. Hij had, zo verzekerde hij ons, voor zichzelf niet zoveel nodig.
Het verhaal van deze ondernemer, vast en zeker jaren geleden vertrokken uit Tunesië op zoek naar een goed bestaan, maakte indruk en kan model staan voor dat van velen in zuidelijk Europa die moeite hebben zich in deze crisisjaren staande te houden. Zijn start als zelfstandig onderneming is slecht getimed, maar getuigt wel van moed en doorzettingsvermogen. Ik hoop dat hij het gaat redden met zijn Sidi Mansour in dat onaantrekkelijke Riposto. Die flinke fooi van ons alleen zal niet genoeg zijn. Wie weet wat de toekomst brengt. Zoals hotel Timeo, toen dit oudste hotel van Toarmina in 1874 werd geopend als allereerste hotel van de stad was dat vast ook een gok en nu bestaat het nog steeds en is het een vijf sterrenlocatie.
Sicilië heeft veel gezichten. Overdag hadden we kennis gemaakt met de fraai gelegen toeristische kustplaats Taormina, voorzien van mooie lanen, chique winkelstraten, een openbare botanische tuin en een antiek Grieks theater. Het stadje, waarvan de eerste nederzetting (Griekse kolonie) dateert van 400 jaar voor Chr., ligt op een 200 meter boven zee gelegen terras. Deze ligging staat borg voor een fantastisch uitzicht op de kustlijn met de azuurblauwe Ionische Zee en landinwaarts de vulkaan Etna.Vooral in het Grieks/Romeinse amfitheater is het decor van de omgeving een schouwspel op zich.
Tijdens de Grandtour die jonge mannen - voornamelijk Engelse en Duitse - uit gegoede kringen in de 18de eeuw maakten werd Taormina ook bezocht. Onder hen was Goethe, die de stad een 'stuk paradijs op aarde' noemde. De Engelse schrijver D.H. Lawrence woonde er drie jaar en Truman Capote en Tennesee Williams schreven er enkele van hun werken. Kortom een inspirerende omgeving.
Circa 20 km zuidelijker ligt het plaatsje Riposto, ook een kustplaats, maar verder houdt iedere vergelijking met Taormina op. Mistroostig en vervallen oogt het havenstadje. Geen enkele grandeur, zelfs geen vergane, geen boulevard met uitzicht op zee. We kwamen er terecht omdat we op zoek waren naar een leuk restaurant voor het diner. Onze keus was op Riposto gevallen vanwege de geringe afstand vanaf ons hotel (ongeveer 7 km) en het gegeven dat de plaats aan zee ligt, een garantie dachten wij, voor de aanwezigheid van veel horeca. Afgezien van een paar pizzeria's viel het aanbod behoorlijk tegen, maar ons oog viel op een bord langs de weg bij het havenhoofd dat een Siciliaanse specialiteit aanprees in een restaurant een paar honderd meter verderop. Het Ristorante Tunisio Sidi Mansour was snel gevonden, er zat echter nog niemand. De ober aarzelde geen moment toen hij zag dat we overwogen naar binnen te gaan en sprak ons direct aan. Ja zeker, konden we eten - het was nog vrij vroeg voor Italiaanse begrippen- verzekerde hij ons, kebab, couscous, pizza. De zaak zag er fris en gloednieuw in de verf uit en we hadden trek, dus ons besluit was snel genomen.
We zaten nog maar net in het in Tunesische stijl ingerichte etablissement, compleet met waterpijpen opgesteld in een lounge-setting onder een baldakijn dat de suggestie van een Bedoeïenentent moest wekken, of we werden voorgesteld aan 'le chef', een vriendelijke Tunesische man van middelbare leeftijd. Hij sprak geen Engels, maar wel Frans en hij gaf ons een paar menu suggesties. We kozen de specialiteit van het huis, viscouscous, daar waren we tenslotte op afgekomen.
Le chef verdween naar de keuken maar niet nadat hij zijn jonge ober opdracht had gegeven ons een voorafje van het huis te brengen, een heerlijk stukje vers gebakken flinterdunne pizza. De viscouscous voorzien van enkele grote garnalen, zwaardvis en verschillende groenten, liet daarna niet lang op zich wachten. Nog steeds waren we de enige gasten. Dat gaf le chef de gelegenheid een praatje met ons te maken nadat we klaar waren en hem uitvoerig hadden gecomplimenteerd met het heerlijke eten. In een mengeling van Frans en Italiaans voerden we een 'gesprek'. Ik vroeg of ze soms nog maar kort geopend waren. Dat klopte, hij was in oktober open gegaan vertelde le chef. Jarenlang had hij in Catania, Sicilië's tweede stad na Palermo, in een restaurant gewerkt, maar hij wilde zo graag iets voor zichzelf beginnen. Het viel tot nu toe niet mee vertrouwde hij ons toe, de crisis hè. We konden alleen maar knikken, de lege tafeltjes om ons heen waren het stille bewijs. Toch was le chef niet somber, eerder wat melancholisch berustend. Hij had, zo verzekerde hij ons, voor zichzelf niet zoveel nodig.
Het verhaal van deze ondernemer, vast en zeker jaren geleden vertrokken uit Tunesië op zoek naar een goed bestaan, maakte indruk en kan model staan voor dat van velen in zuidelijk Europa die moeite hebben zich in deze crisisjaren staande te houden. Zijn start als zelfstandig onderneming is slecht getimed, maar getuigt wel van moed en doorzettingsvermogen. Ik hoop dat hij het gaat redden met zijn Sidi Mansour in dat onaantrekkelijke Riposto. Die flinke fooi van ons alleen zal niet genoeg zijn. Wie weet wat de toekomst brengt. Zoals hotel Timeo, toen dit oudste hotel van Toarmina in 1874 werd geopend als allereerste hotel van de stad was dat vast ook een gok en nu bestaat het nog steeds en is het een vijf sterrenlocatie.
woensdag 17 april 2013
Komt een vrouw bij de psychiater...
Vrouw: Dokter, u moet me helpen. Nog nooit heb ik de behoefte gehad een bezoek te brengen aan een psychiater, maar nu is de nood hoog.
Psychiater: Vertelt u maar, wat is er aan de hand?
Vr: Ik kan er niet meer tegen, gek word ik er van.
Ps: Gaat u verder.
Vr: Overal oranje.
Ps: Oranje?
Vr: Ja, oranje en het k-woord.
Ps: Het k-woord?
Vr: Ja, ja het k-woord, het spijt me, ik krijg het niet over mijn lippen.
Ps: Hoe was uw jeugd?
Vr: Heel plezierig, dank u, maar daar gaat het nu niet om. Het is de overmaat, de 'Boer-zoekt-vrouw-hysterie' in het kwadraat, daar heb ik last van.
Ps: Ik begrijp nog niet waar u heen wilt. Kunt u bij het begin beginnen?
Vr: Sinds januari is het begonnen, na de aankondiging op tv. Het werd wel honderd keer herhaald en daarna begon het vooruitblikken, het speculeren, het ophemelen.
Ps: Ik begin iets te vermoeden.
Vr: Radio, tv, kranten, tijdschriften, het gaat maar door. Op twitter kun je zelfs een speciale feestbanner aan je account toevoegen. We moeten met z'n allen zingen, sporten, dromen en blij zijn. En continu worden we op de hoogte gebracht wat Jan, Piet, Nelly en Karin vinden van de ophanden zijnde gebeurtenis. En dan zwijg ik nog over de stoet BN-ers die we in aanloop naar het feest over ons heen krijgen.
Ps: Bent u jaloers? Wilt u misschien zelf graag in de belangstelling staan?
Vr: Nee, van jaloezie heb ik geen last en ik zou met niemand willen ruilen. Ik wil alleen dat we weer ons nuchtere zelf worden en niet zo op tilt slaan bij een wisseling van de wacht, die, laten we eerlijk zijn, op zichzelf nogal archaïsch is.
Ps: Ik ben bang dat ik niet veel voor u kan betekenen. U lijdt aan een gezonde dosis oranje-allergie en daar valt niet veel aan te doen. Het volk wil nu eenmaal de illusie, het sprookje, pracht en praal en vermaak, dat wisten de oude Romeinen al. U zult met uw tegengeluid weinig gehoor vinden. Mijn advies is: laat de radio en tv uit en zoek op 30 april een goed heenkomen in de vrije natuur. Een psychiater heeft u niet nodig, u zult naar verloop van tijd vanzelf genezen.Vr: Dank u dokter, ik voel me al een stuk beter.
dinsdag 9 april 2013
Maestro
Zaterdagmiddag, tijdens de studiedag van het koor waar M. en ik lid van zijn, kondigde onze dirigente aan dat we aan het volgende onderdeel van het programma toe waren. Een competitief deel waarbij we door degene die altijd de maat aangeeft werden uitgedaagd dit nu eens zelf te doen voor de hele groep. Ze was geïnspireerd geraakt door het tv-programma Maestro, waarin bekende Nederlanders een orkest moesten (leren) dirigeren en in opeenvolgende afleveringen het tegen elkaar opnamen, totdat er uiteindelijk één Maestro overbleef. De competitie tijdens onze studiedag was veel kleinschaliger opgezet met als inzet de wisselbeker die ooit jaren geleden voor het laatst uitgereikt werd tijdens een andere studiedag.
De dirigente legde de spelregels uit, ze wilde van iedere stemsoort minimaal één kandidaat die de strijd aanging. Het duurde niet lang of M. stond op om als eerste de uitdaging aan te gaan en dat verbaasde me niets. M.'s passie - een versleten woord, maar in dit geval wel van toepassing- is (klassieke) muziek en zingen. Van het tv-programma had hij afgelopen najaar geen aflevering gemist. Hij koos het Avé Verum van Mozart en wij, zijn mede-koorleden, moesten zingen zoals hij het aangaf. Het ging al aardig goed en na wat aanwijzingen van de dirigente deden we hetzelfde stuk onder zijn leiding nog een keer en ging het nog beter.
M.'s broer R. kon natuurlijk niet achterblijven en deed ook een gooi naar de Maestro-titel en na hem waren er nog drie kandidaten zo dapper om het denkbeeldige dirigeerstokje op te pakken. Duidelijk bleek, net als tijdens het tvprogramma, hoe moeilijk alle kandidaten het vonden om op zoveel dingen tegelijk te moeten letten: opmaat, ritme, tempo en inzetten van de verschillende partijen.
Na ampel overleg maakte de jury, bestaande uit de pianiste en de dirigente, na de theepauze bekend wie de felbegeerde wisseltrofee een tijdje mocht bewaren. M. was de gelukkige en dat kwam volgens de pianiste niet alleen omdat hij zo charmant naar haar geglimlacht had. Met een vooruitziende blik had ik twee dagen voor de studiedag al een Maestro-achtige foto van M. geschoten, vlak voor een optreden bij weer een ander koor.
Voor het slotstuk van de studiedag gingen we naar de kookstudio om gezamenlijk te koken en te eten. En daar bleek dat ieder koorlid een Maestro (m/v) werd, vaak op een onvermoed terrein. Zowel de erkende hobbykoks als de spreekwoordelijke linkerhanden waren in staat met elkaar een heerlijk drie gangendiner te bereiden. Een tenor die nooit in de keuken te vinden is bediende nu de pastamachine, een sopraan die koken een noodzakelijk kwaad vindt was creatief met muzieknootjes en een alt die zich al verdienstelijk had gemaakt door een zelfgemaakte plaatcake mee te nemen, draaide haar hand niet om voor het bereiden en bakken van de cantuccini.
Het was een geslaagde en vrolijke dag, die niet mogelijk was geweest zonder het voorbereidende en organiserende werk van een aantal 'stille krachten'. Zij zijn eigenlijk de echte meesters!
De dirigente legde de spelregels uit, ze wilde van iedere stemsoort minimaal één kandidaat die de strijd aanging. Het duurde niet lang of M. stond op om als eerste de uitdaging aan te gaan en dat verbaasde me niets. M.'s passie - een versleten woord, maar in dit geval wel van toepassing- is (klassieke) muziek en zingen. Van het tv-programma had hij afgelopen najaar geen aflevering gemist. Hij koos het Avé Verum van Mozart en wij, zijn mede-koorleden, moesten zingen zoals hij het aangaf. Het ging al aardig goed en na wat aanwijzingen van de dirigente deden we hetzelfde stuk onder zijn leiding nog een keer en ging het nog beter.
M.'s broer R. kon natuurlijk niet achterblijven en deed ook een gooi naar de Maestro-titel en na hem waren er nog drie kandidaten zo dapper om het denkbeeldige dirigeerstokje op te pakken. Duidelijk bleek, net als tijdens het tvprogramma, hoe moeilijk alle kandidaten het vonden om op zoveel dingen tegelijk te moeten letten: opmaat, ritme, tempo en inzetten van de verschillende partijen.
Voor het slotstuk van de studiedag gingen we naar de kookstudio om gezamenlijk te koken en te eten. En daar bleek dat ieder koorlid een Maestro (m/v) werd, vaak op een onvermoed terrein. Zowel de erkende hobbykoks als de spreekwoordelijke linkerhanden waren in staat met elkaar een heerlijk drie gangendiner te bereiden. Een tenor die nooit in de keuken te vinden is bediende nu de pastamachine, een sopraan die koken een noodzakelijk kwaad vindt was creatief met muzieknootjes en een alt die zich al verdienstelijk had gemaakt door een zelfgemaakte plaatcake mee te nemen, draaide haar hand niet om voor het bereiden en bakken van de cantuccini.
Daar moest op gezongen worden en ziedaar, een bas zette alvast de aanval in voor de verovering van de nieuwe Maestro-titel.
Het was een geslaagde en vrolijke dag, die niet mogelijk was geweest zonder het voorbereidende en organiserende werk van een aantal 'stille krachten'. Zij zijn eigenlijk de echte meesters!
Abonneren op:
Posts (Atom)




