woensdag 27 april 2011

De klimop en ik



Hij is weer getemd, voor even dan. De regenpijp is vrij, het zonnescherm kan weer naar beneden en de groenbak zit vol. Ik heb een haat/liefde verhouding met de klimop. Ooit hebben we een paar kleine, onbeduidende plantjes in de aarde gezet om de schutting, die de grens met de tuin van de buren markeert, een fraai groen aanzicht te geven. Dat is gelukt. Het hekwerk is veranderd in een weelderig groene muur. Maar de klimop heeft aan de schutting niet genoeg. Wanneer hij de kans krijgt neemt hij ook de rest van de tuin en de muur van het huis in bezit. Als tentakels van een reuze-inktvis strekken zich overal in de tuin slierten klimop uit. Het is deze opdringerige eigenschap die ik elk nieuw tuinseizoen weer met veel knipbeurten probeer in te dammen.
De keerzijde is dat dit stukje groene oase ook veel plezier geeft. Zoals aan de vogels die er hun nesten in bouwen en van de bessen komen snoepen. Maar ook bijen en vlinders zijn verrukt van de geurige bloesem die straks in de zomer weer verschijnt. De onderste regionen van de Hedera, de Latijnse naam van de klimop, wordt zelfs gebruikt als schuilplaats door een egel die regelmatig in onze tuin te gast is. En niet te vergeten zorgt de groene muur zowel 's zomers als 's winters voor privacy op het terras.
Zolang het werk dat allemaal oplevert blijf ik blijmoedig knippen, de trap op en af klimmen, vegen en de bladmassa afvoeren.

vrijdag 22 april 2011

Paisley

Na de bruid, de bruidegom en diens moeder is nu M., vader van de bruidegom, aan de beurt om gekleed te worden voor de grote dag. Als we binnen komen in de ons aanbevolen herenmodezaak zijn er geen andere klanten in de winkel en direct komt er een jonge verkoper op ons af. Hij informeert vriendelijk naar onze wensen. Had meneer al iets in gedachten voor de speciale gelegenheid, wil de jongen weten. Nee, meneer draagt eigenlijk alleen een pak tijdens de uitvoeringen van zijn koor, heeft weinig notie van mode, maar wil er natuurlijk wel goed uitzien op de bruiloft van zijn zoon. De ter zake kundige verkoper heeft snel in de gaten wat voor vlees hij in de kuip heeft en laat M. verschillende colberts passen om de juiste maat en kleur te bepalen. Als een van de jasjes goed blijkt te passen qua maat en bij de kleur van mijn jurk (ik heb een stukje stof meegenomen), moet het hele kostuum, een overhemd en bijpassende schoenen aangetrokken worden om het geheel te kunnen beoordelen. M. verdwijnt met alle spullen in de kleedkamer.
En dan als hij weer tevoorschijn komt voltrekt zich hetzelfde wonder als ik een paar weken eerder heb aanschouwd bij de bruidegom. De man die uit de kleedkamer komt lijkt een hele andere dan die er in is verdwenen. Het is opvallend wat een goed zittend kostuum doet met de drager. Het geeft uitstraling, status, stijl en verhult ook nog eens wat het lijf er hier en daar in de loop der jaren bij heeft gekregen. Ik begrijp dat casual kleding veel lekkerder zit dan een pak, maar de heren die daarbij zweren vergeten dat ze veel meer een lust voor het oog zijn met een mooi kostuum aan hun lichaam. 
Het uitgekozen pak zit perfect en staat geweldig, alleen de broek moet iets verkort worden en dat gebeurt ter plekke. In de wachttijd moeten we nog een bijpassende das uitzoeken. De verkoper legt uit het enorme assortiment een aantal dassen van saai tot uitbundig beurtelings op het uitgekozen overhemd. De goede match zit er nog niet tussen, totdat de op dreef rakende winkelier een das met een hip motief uit het rek haalt. De verkoper en ik roepen in koor dat deze das met Paisley-patroon heel mooi staat bij pak en overhemd. M. is eerst wat huiverig, hij houdt niet van opvallen en Paisley, nog nooit van gehoord, en dan ook nog hip, maar al snel ziet hij in dat deze das de perfecte finishing touch is.
We vragen ons gedrieeën af waar de naam Paisley vandaan komt en de verkoper is van het type dat niet rust voordat hij het weet en derhalve zoekt hij na het afrekenen nog even via internet naar de herkomst. Het motief blijkt uit Kashmier (India) te komen en dankt zijn naam aan 19de eeuwse wevers die in de Schotse plaats Paisley het patroon gebruikten bij het maken van grote kleurrijke sjaals. Dit soort kennis zou je toch niet willen missen.
Geheel tevreden lopen we de winkel uit, goed geslaagd èn we hebben weer een aanzienlijke bijdrage geleverd aan de plaatselijke economie. De Haarlemse middenstand bloeit helemaal op van zo'n aanstaand huwelijk.

woensdag 13 april 2011

Defensie

Al heel lang vraag ik me af waarom nu juist de mooiste natuurgebieden worden ingericht als militair oefenter-rein. Natuurlijk weet ik ook wel dat Defensie gebied nodig heeft om militairen op te leiden en dat het niet handig is om dat in een dichtbevolkte Randstad te doen. Maar in dit land hebben we nog zo weinig natuur over waar je werkelijk van de stilte, in de zin van afwezigheid van geluid voorgebracht door mensen met behulp van mechanische of elektronische middelen, kunt genieten.
Afgelopen zaterdag werden we tijdens een wandeling over de Hoge Veluwe vergast op het geluid van een aanhoudend schieten. Werd er soms afgerekend met een wellicht te grote populatie wild in de omgeving? Nee, er moest sprake zijn van een militaire oefening, want onderweg waren we al onheilspellende waarschuwingsborden over levensgevaar tegen gekomen.
Nog afgezien van het feit dat het moderne oorlogvoeren naar mijn bescheiden mening tegenwoordig toch het beste grotendeels geoefend kan worden met behulp van simulatie op computers (veel jongens en mannen doen niet anders), vind ik dat de schaarse natuur die we nog hebben niet moet worden misbruikt voor militaire doeleinden. Moest Defensie niet bezuinigen?

Ik hoor veel liever het nijvere geklop van de specht. In deze boom zat er eentje lustig te hameren. Als je goed kijkt kun je hem zien zitten.

 

maandag 11 april 2011

Mazzel

Een paar jaar geleden zijn M. en ik begonnen aan het Trekvogelpad, een lange afstandwandelroute van ruim 380 km die loopt van Bergen aan Zee naar Enschede. Het volgen van het pad is een zoveel jarenplan en dat is voor ons ook onderdeel van het genoegen. Het is een project waar we regelmatig op kunnen terugvallen als we eens lekker willen bewegen en genieten van de diversiteit van het Nederlandse landschap.
De laatste etappe liepen we in september en dus werd het wel weer eens tijd wat kilometers te maken. Omdat we op het traject inmiddels te ver van huis zitten om op een dag heen en weer te rijden en te wandelen maken we er een meerdaagse trip van. Dit weekend was door ons een aantal weken geleden aangemerkt als voorlopig enige mogelijkheid om het er van te nemen, vanwege het ontbreken van andere afspraken. Dat het verreweg het mooiste weekend van het jaar - tot nu toe - zou worden maakt ons tot enorme mazzelaars.
 Het lopen van een etappe is een logistieke operatie die een goede voorbereiding vereist. Het betreft immers geen rondwandeling en openbaar vervoer is over het algemeen goed geregeld in ons land, maar toch niet altijd op elke plek voor handen. We hebben voor ons vervoer van en naar de etappe een methode ontwikkeld die nog het meeste wegheeft van een alternatieve triatlon. Eerst rijden we met fietsen achterop de auto naar de geplande plek van aankomst. Dan fietsen we naar het beginpunt van de etappe, zetten daar de rijwielen neer en lopen vervolgens de etappe tot het eindpunt waar de auto staat. Met de auto halen we de fietsen weer op en zetten we koers naar onze overnachtingsplek. We vinden dit een vrij geniale opzet met slechts een groot minpunt. Dat is dat je van te voren moet bedenken hoever je precies wilt lopen. Dat is lastig, want de ene keer ben je nog lang niet moe als je bij het eindpunt bent en een andere keer loop je op je laatste benen, zoals de tweede dag dit weekend toen de route in werkelijkheid niet meer klopte met die in het boekje. Ouderwetse lopers als wij zijn doen we het nog steeds uitsluitend met routekaart en gezond verstand. Geen GPS, smartphones en andere moderne middelen. Maar een nieuwe druk aanschaffen kan misschien geen kwaad, het afgeschreven bibliotheekexemplaar dat we tot nu toe gebruiken stamt alweer uit 2003.

Al heel wat verschillende landschappen hebben we aan ons voorbij zien trekken. Van de duinen bij Bergen en Egmond, door het open polderlandschap bij de Beemster en Waterland, over de Oranjesluizen bij Amsterdam tot de statige landgoederen achter de Ankeveensche plassen nabij Hilversum. Daarna de bossen van de Utrechtse Heuvelrug, de kastelen in de omgeving van Amerongen en het zicht op de Neder Rijn (met het natuurreservaat De Blauwe Kamer) vanaf de Grebbeberg.
De afgelopen dagen was er een prachtig weerzien met de Veluwe. De route liep onder andere dwars door het park De Hoge Veluwe en we raakten opnieuw onder de indruk van de uitgestrektheid van het gebied.
De nog grotendeels kale bomen konden we bijna per uur groener zien worden, zo explosief werd de winter ingeruild voor het voorjaar. De niet aflatende vogelzang maakte het lentefeest compleet.

We waren geheel onbewust van het drama dat zich elders in het land voltrok. Daar hoorden we pas van in de auto op weg naar huis.

maandag 21 maart 2011

Boekenweek



Het is nooit erg druk langs de lijn op zondag 12.00 uur tijdens de thuiswedstrijd van het voetbalteam waar mijn zoons in spelen. Als er al mensen staan te kijken dan zijn het de bekende types die een familiaire dan wel affectieve band hebben met een van de thuisspelers. En er hangen ook altijd wel een of meer kleurrijke figuren rond zoals je die bij elke voetbalclub aantreft, de man op leeftijd die het liefst de hele zondag bij zijn club doorbrengt en de verstandelijk gehandicapte die met iedereen langs de lijn een praatje probeert aan te knopen. Ook de tegenstander wordt meestal op bescheiden schaal door wat getrouwen geëscorteerd.
De man die ik deze zondag langs het veld zie staan ken ik niet en ik vermoed dat hij met de tegenpartij is meegekomen. De nogal bonkige, stevige man van een jaar of 30 ziet er op het eerste gezicht uit als een normale toeschouwer. Maar hij heeft iets in zijn handen dat niet vanzelfsprekend hoort bij de uitdossing van een voetbalsupporter. Hij houdt een dik opengeslagen boek vast en staat langs de lijn te lezen. Af en toe kijkt hij even op van zijn lectuur en lijkt het of hij naar de wedstrijd kijkt, maar ik vraag me af of hij wel geïnteresseerd is in wat zich op het veld afspeelt, want er valt geen enkele af- of goedkeurende reactie of enige geestdrift bij hem te bespeuren. Omdat ik benieuwd ben wat hij staat te lezen begluur ik zijn boek zo onopvallend mogelijk. Het is een nogal beduimeld exemplaar waarvan de bladzijden wat opbollen. Zou hij het boek bij een vorig bezoek aan het voetbalveld in de regen hebben gelezen? Ik zie ook dat de tekst op de bladzijden in twee kolommen is verdeeld. Er zijn maar weinig boeken waarbij de bladspiegel er zo uit ziet en mijn vermoeden wordt bevestigd als ik iets door mijn knieën buig zodat ik de titel op het omslag kan lezen: het is inderdaad een bijbel. Wat beweegt iemand om al bijbellezend een voetbalwedstrijd bij te wonen? Moet hij het boekwerk voor een bepaalde tijd uit hebben? Compenseert hij zijn misschien als zondig beschouwde bezoek aan een voetbalwedstrijd op zondag door het daar ter plekke lezen van de heilige schrift? Of zal hij dadelijk tijdens de rust de troepen van geestelijk voedsel voorzien? Een ding is zeker, hij zit er zo te zien zelf totaal niet mee dat zijn verschijning op zijn zachtst gezegd bijzonder is. Hij leest stug door, zucht eens wat als hij van houding verandert en geeft geen krimp als er van het veld als gevolg van een botsing enige godslasterlijke kreten opklinken.
Als het rust is wandelt de man naar de wedstrijd die nog bezig is op een belendend veld om daar zijn leespartij voort te zetten. Hij is blijkbaar een passant en geen aanhanger van de tegenstander, want na de rust keert hij niet terug en verlies ik hem uit het oog. Ik denk niet dat de spelers op het veld de man met het boek bewust hebben gezien. Leesbevordering is mooi, maar of het ook werkt langs het voetbalveld?
De wedstrijd wordt wel door de thuisclub met 5-0 gewonnen.     

woensdag 9 maart 2011

Geduld

Het is nog geen lente merk ik als ik met een vriendin door de duinen loop. Ondanks enkele dagen zon, helaas schijnt hij vandaag wat minder uitbundig, voelt het nog zeer kil aan en de stevige wind helpt ook al niet. Ik wil het voorjaar heel graag ruiken, maar die typerende lentelucht komt niet in mijn neus. Op de fiets op weg naar mijn afspraak zie ik het al aan de bomen van die mooie laan in Vogelenzang: nog geen spoor van het tere blad dat over pakweg acht weken de weg het aanzien van een groene poort zal geven.


Een oefening in geduld, dat is de overgang van winter naar lente in Nederland. Je wilt zo graag dat het gaat gebeuren en soms lijkt het er op, maar dan blijkt er toch nog sprake van uitstel, zoals vandaag.

We genieten wel, mijn vriendin en ik. Van elkaars gezelschap, van de duinen en het bos, die in elk jaargetijde voor ons aantrekkelijk zijn en van de lunch in het eenvoudige, maar behaaglijk warme etablissement waar we na de wandeling neerstrijken. En hoewel de lente nog niet voelbaar is, zijn de voortekenen er al. Twee nieuwsgierige jonge reeën kruisen ons pad, een specht laat zijn gehamer horen en een dartel konijn steekt roekeloos het hele parkeerterrein over.















Fietsend naar huis vallen me ineens de bermen op, gevuld met ontelbare sneeuwklokjes. We hebben afgesproken om nog voor half mei weer een wandeling te doen, als het echt lente is. Nu rest ons geduld.   

vrijdag 25 februari 2011

Jurk

Of je kleurvoorkeur iets zegt over je persoonlijkheid weet ik niet, maar een feit is dat de meeste mensen wel een of twee lievelingskleuren hebben. Mijn lievelingskleur is blauw in verschillende tinten van turkoois tot diep donkerblauw. Wat me nu zo aantrekt in die kleur kan ik moeilijk benoemen, maar ik word er als door een magneet toe aangetrokken. Of het nu gaat om woninginrichting, kleding of plantenkeuze, acht van de tien keer kom ik na het winkelen thuis met iets blauws. Is mijn kleur niet in de mode - en dat was tot 2010 jarenlang het geval - dan geef ik beduidend minder geld uit aan mijn garderobe. Blauw is een koele kleur en wordt vaak met zakelijkheid geassocieerd. In de taal heeft blauw ook al geen goede pers, denk aan 'een blauwtje lopen', 'blauwe maandag', 'the blues hebben' en 'je blauw betalen'. Ik word desondanks, of misschien wel dankzij die vermeende eigenschappen juist altijd blij van blauw. Een veld , of indien niet voorhanden een schap in een tuincentrum, met echt blauwe bloemen zoals iris, gentiaan, of korenbloem, daar kunnen mijn ogen geen genoeg van krijgen.



De zoektocht gisteren naar een geschikte outfit voor mij als moeder van de bruidegom was eigenlijk een eitje. Voor de vorm heb ik een aantal jurken aangehad in een andere kleur. Het was alleen maar een bevestiging van wat ik eigenlijk al wist, en alras ook mijn assistentes, c.q. vriendin en aanstaande schoondochter, doorkregen. De beste match is toch blauw. En mooooi dat ie is! Ik kan bijna niet wachten tot het juni is.


Deze is ook mooi, maar mijn jurk ziet er iets anders uit...